Investeringsprogramma’s als motor voor gebiedsontwikkeling

De rek is eruit. De tijd van ‘geld zoekt project’ is voorbij. Het is tijd voor meer realisme. Dit zijn enkele veelgebezigde oneliners die de huidige situatie van gebiedsontwikkeling in crisistijd beschrijven. De economische crisis heeft grenzen gesteld aan de ontwikkelingsplanologie die sinds de jaren negentig opgeld deed. In een context van krimp en economische onzekerheid zijn langjarige PPS-contracten als onderdeel van een integrale gebiedsontwikkeling voor alle ontwikkelende partijen risicovol. Dat vraagt om een nieuwe aanpak, waarbij een coalitie van belanghebbenden vorm geeft aan een investeringsprogramma dat als motor voor de gebiedsontwikkeling fungeert.


Nieuwe uitdagingen

Groei is sinds de economische crisis van 2008 niet meer vanzelfsprekend. De overheid zoekt naar nieuwe ruimtelijke strategieën en naar efficiëntere vormen van overheidsorganisatie. Ontwikkelende bedrijven zijn op zoek naar nieuwe partners en zullen zich alleen willen verbinden aan gebiedsontwikkelingen als hun bijdrage op een doelgerichte en flexibele manier kan worden ingezet op een wijze die aansluit bij de economische vraag. Daarbij verandert het speelveld: naast vastgoed, infrastructuur en openbare ruimte bepalen de sociale dynamiek, de culturele diversiteit en de noodzaak van economische vitaliteit steeds meer de kwaliteitseisen voor woon-, leef- en werkomgeving. De focus verschuift van aanbod naar vernieuwing van de bestaande voorraad. Duurzaamheid en levenscyclus zijn belangrijke nieuwe uitdagingen. Bovendien ligt er een grote uitdaging voor het formuleren van een antwoord op de maatschappelijke weerstand die tegen de ruimtelijke ontwikkelingen van de laatste decennia is ontstaan.

Gebiedsgericht investeringsprogramma

Voor die uitdagingen zijn coalities nodig op bestuurlijk niveau. Coalities tussen zelfstandige, aanspreekbare en verantwoordelijke publieke en private partijen die dicht bij de bewoners of gebruikers van een gebied staan. Maatschappelijke organisaties en kennisinstituten, maar ook scholen, culturele instellingen en ondernemers uit het gebied zelf. Zo’n coalitie kan op organische wijze, van onderop, een plan maken. En door het bundelen van investeringen het plan gezamenlijk uitvoeren. Wij geven dat plan de vorm van een gebiedsgericht investeringsprogramma waarin concrete, realiseerbare projecten in tijd en ruimte verbonden zijn. Het investeringsprogramma vormt de basis voor een duidelijke visie op het gebied en haar mogelijkheden in de toekomst. Niet een visie waarvoor draagvlak wordt gezocht, maar een visie, die wordt ontwikkeld op het raakvlak van alle betrokken partijen. We richten de blik bovendien niet alleen op het gewenste eindbeeld. Want ook in de ‘tussentijd’ kan er dynamiek worden gecreëerd door middel van allerlei inspanningen die samen een motor voor de transitie zijn. En een extra stimulans voor samenwerking met een hoge kwaliteitsambitie en een zichtbare toegevoegde waarde. Deze werkwijze is crisisbestendig en leidt altijd tot resultaat.